In 2010 stond ik voor het eerst aan de start van de Zomeravondcup in Utrecht. Met slechts een paar uitzonderingen heb ik daar ieder jaar meegedaan en dit jaar doe ik ook weer mee. Deze serie wedstrijden wordt steeds populairder en dat is geen wonder. Goed georganiseerd, mooi deelnemersveld, snel parcours, lage kosten voor deelname. Er zijn altijd wat deelnemers van AV Pijnenburg en Kees kwam helemaal uit Nuenen. Hij was geïnteresseerd in het snelle parcours en de snelle deelnemers. Eerder dit jaar liep hij voor het eerst onder de 35 (!) minuten en nu wilde hij proberen dat weer te verbeteren. Ik wilde zelf toch weer een poging doen om onder de 43 minuten te lopen en daarmee het clubrecord voor mannen 60+ op mijn naam te kunnen zetten. Vorig jaar wilde dat niet lukken en ik was weer een jaartje ouder, maar hoe ouder hoe gekker.
De groeiende populariteit van de Zomeravond zorgde er alvast voor dat ik moest uitwijken naar een parkeerplaats die verder van de atletiekbaan ligt, ondanks dat ik redelijk op tijd was. Gelukkig was ik vroeg genoeg om samen met Kees een stukje in te lopen en zonder stress aan de start te staan. Kees zocht een plekje vooraan. Ik ging verder naar achteren in het veld om niet in de verleiding te komen met te snelle lopers mee te gaan. Het was druk op de baan, ik hield na het klinken van het stsartschot even in om wat ruimte voor mijn pas te hebben voor ik over de startmat ging. Daarna werd het een beetje slalommen maar al een paar honderd meter was het inhalen van de meute voorbij en was ik ook de pacers van 45 minuten gepasseerd. Op mijn horloge zag ik een snelheod van rond 4 minuten per kilometer en ik besloot vooral ontspannen te gaan lopen. De eerste kilometer was 4.05.
Omdat er wat wind stond probeerde ik in een groepje terecht te komen, maar ik liep op dit moment net een beetje alleen. Er was een gaatje van een meter of 20 naar een groepje voor me, waar ik wel langzaam dichterbij kwam. De truc was om niet te forceren. Door gebruik te maken van een paar andere lopers die mij inhaalden wist ik het gaatje te dichten net voordat we op hget stukje met wind tegen kwamen. De wind was ondertussen niet meer zo stevig als eerder op de dag, maar toch voelde dit wel lekker. Wat verder viel het groepje waar uitelkaar en ik liep een tijdje samen met een meneer met een zwart shirt. Soms moest ik even lossen, maar dan wist ik even later toch weer aan te sluiten.
De kilometertijden bleven goed: 4.13, 4.20, 4.13, 4.12, 4.13, 4.10. Na een kilometer of 7 moest ik de man in zwart toch laten gaan, maar ik zag dat ik nog steeds ongeveer hetzelfde tempo liep. Blijkbaar versnelde hij wat. Door al die vlotte kilometers had ik ondertussen een mooie marge opgebouwd ten opzichte van mijn streeftijd en ik begon er in te geloven, dat ik dat zou kunnen halen. Zelfs de altijd lastige achtste kilometer ging met 4.10 nog steeds prima. In plaats van in te zakken wist ik nog wat lopers in te halen.
Onder aanmoedigingen van Kees, die zelf 33.50 liep, gooide ik er zelfs nog een soort sprintje uit zodat mijn eindtijd 42.08 werd.
De laatste keer dat ik sneller was bij de Zomeravondcup was in 2017. Missie geslaagd.




Geen opmerkingen:
Een reactie posten